We zitten in een rustig café aan de rand van het centrum. Merieta is een sprankelende, welbespraakte vrouw van begin vijftig. Het viel nog niet mee om een afspraak met haar te maken, gezien haar volle agenda. Bij de start van het interview geeft ze aan dat ze ongeveer een uur de tijd heeft, daarna moet ze naar het station om naar een volgende afspraak te gaan.
Een trotse, inheemse Surinaamse
Merieta is in de binnenlanden van Suriname geboren, letterlijk in een gat in de grond. Ze is het oudste kind van haar vader en het vierde kind van haar moeder. In het dorp waar ze is geboren waren geen voorzieningen. Er werd geleefd van de grond, de jacht en de visvangst. Muziek en dans spelen een belangrijke rol in de inheemse cultuur. Vanaf haar vierde jaar gaat Merieta naar de stad om naar school te gaan en zich te ontwikkelen. In de vakanties gaat ze terug naar haar geboortedorp.
In Nederland zet ze zich in voor het behoud van de cultuur en het erfgoed van de inheemse bevolking van Suriname. Merieta vertelt: “Men wist niet dat er inheemsen in Nederland waren. De cultuur mag niet verloren gaan.” Daarnaast geeft ze, net als vroeger in Suriname, taallessen aan de jongere generatie, zodat de taal behouden blijft. In verschillende steden heeft Merieta dans- en zanggroepen van inheemse vrouwen opgericht. De vrouwen delen hun verhalen met elkaar, wat ook een therapeutische werking heeft. Verder geeft Merieta naailessen om inheemse kleding te maken. Ze is een soort autoriteit als het om inheemse cultuur gaat. Met haar kennis van de rituelen wordt ze daarom om raad gevraagd bij belangrijke levensgebeurtenissen, zoals geboorte en dood. Ook treedt Merieta op bij manifestaties. Zo is ze gevraagd om met Keti Koti op de Dam te spreken en te zingen, waarna later die dag nog een optreden in een andere stad volgt.
Een nieuw leven in Nederland
Maar dit beeld van de succesvolle, actieve vrouw die midden in de maatschappij staat, is niet het hele verhaal. Merieta heeft namelijk geen papieren. Ze is bijna negen jaar geleden uit Suriname gevlucht voor haar gewelddadige partner, door wie ze lichamelijk en geestelijk mishandeld werd. Haar omgeving en collega’s — Merieta werkte bij Binnenlandse Zaken — wisten hier niets van, maar zelf vreesde ze voor haar leven.
Bang en depressief wist ze, door al haar geld bij elkaar te schrapen, naar een vriendin in België te vluchten. Daar kon ze even blijven, maar al snel belandde ze op straat. Merieta kwam in Rotterdam terecht, waar ze werd opgevangen door het steunpunt voor ongedocumenteerden. Eerst sloot ze zichzelf op, maar met hulp van een begeleider kwam ze langzaam meer tot zichzelf. “Ik doe nu overal aan mee.” Ze is het steunpunt, maar ook andere mensen die er voor haar waren, erg dankbaar. Toen ze in die eerste dagen bij het steunpunt huilend over straat liep, vroeg een oude mevrouw wat er aan de hand was. Na haar verhaal te hebben gehoord, vroeg ze Merieta mee naar haar huis te komen en vulde daar een koffer met spullen voor haar. Ze heeft die weldoener later geprobeerd op te zoeken, maar kon haar niet meer vinden. Ze woont nu gratis bij een mevrouw die een kamer over had. Merieta kookt voor haar en maakt het huis schoon, maar de mevrouw hoeft hier verder niets voor terug.
Merieta heeft alles achtergelaten in Suriname. Haar zeven kinderen die nu tussen de 34 en 23 jaar zijn, haar vader en haar moeder. Ze begrijpen het. “Ik kon niet anders, ik was niet veilig in Suriname.” Ook nu nog zegt haar ex-partner tegen hun kinderen dat hij hun moeder vermoordt als hij haar ziet. Maar het is wel moeilijk. “Ik voel me zo schuldig. Mijn vader mist me. We dronken samen een biertje. Hij vertelde verhalen over vroeger. Dat is bijzonder voor mij. En mijn kinderen zijn zo verdrietig. We bellen elke dag. Ik heb kleinkinderen die ik nog nooit gezien heb.”
Midden in de maatschappij maar ongedocumenteerd
Ondanks dit alles geeft Merieta aan dat het goed met haar gaat. “Ik ben blij. Ik heb veel meegemaakt, maar ik heb het geaccepteerd. Nu ben ik in het positieve. Ik geloof dat het goed komt.” Merieta heeft een vol leven. Ze is altijd bezig dingen op te zetten, de jongere generatie inheemse Surinamers over hun cultuur te leren en te zorgen voor anderen door voor ze te koken. “Want de liefde die je krijgt moet je ook delen.”
Wat nog ontbreekt aan haar volle leven zijn papieren. Als ze die had, zou ze meteen gaan werken, het liefst in de zorg. Dat is immers een mooie manier om liefde te delen. Maar zonder papieren kan dat niet.
Haar status als ongedocumenteerde belemmert haar niet om allerlei activiteiten te ontplooien. Merieta wordt daarvoor ook enorm gewaardeerd. Onlangs zong ze tijdens het tribuut aan een beroemde, overleden Marron zangeres, georganiseerd door het Marron Platform Nederland, een lied van deze zangeres. Na haar optreden werd ze naar voren geroepen en door het Marron Platform Nederland officieel gehuldigd voor haar grote bijdrage aan de cultuur, omdat ze tijdens haar optredens ook Marron liederen ten gehore brengt.
Maar niet alles kan. Ze was gevraagd om de koning te begeleiden bij de opening van het Suriname museum. “Maar toen ik vertelde dat ik geen paspoort had, kon dat niet doorgaan.”
Ze is wel bezig om papieren te krijgen. Het is eigenlijk raar dat het voor iemand die midden in de maatschappij staat zo ingewikkeld is om een paspoort te krijgen. Te meer als je bedenkt dat Merieta in Suriname is geboren in 1973, dus onder Nederlandse vlag. Suriname werd immers pas twee jaar later, in 1975, onafhankelijk.
Toch heeft Merieta, met al haar creatieve talenten, haar leven op orde. Ze zou haar leven in Nederland graag willen uitbouwen met betaald werk en hoopt en bidt dat dit goed komt. Ook zou ze, als het voor haar veilig is, naar Suriname willen om haar kinderen en kleinkinderen vast te kunnen houden. En al is dat hopelijk nog heel ver weg, sterven zou ze het liefst in Suriname, zodat ze met muziek en dans en volgens inheemse rituelen in haar geboortedorp begraven kan worden.
Rotterdam, april 2026
