Meer liefde geven en ontvangen. Liefde aanvaarden en geven heb ik moeten leren.

Opgetekend door: Pieter Verduin. Foto: Patrick Hudepohl.

Het levensverhaal van Marja

Marja en ik treffen elkaar in het aanloophuis in Alkmaar. Ze geeft direct de rode draad aan in haar leven: “Van huis uit heb ik niet geleerd liefde te ontvangen of te geven. Daar heb ik het lang moeilijk mee gehad. Heel moeilijk. Maar in mijn volwassen leven heb ik het gelukkig wel geleerd, en ik voel me nu verbonden met lieve mensen om me heen.” 


Kindertijd in Rotterdam 

Marja is in 1953 geboren in Rotterdam. Vader, moeder en de kleine Marja woonden op ‘een halve zolder’ omdat er woningnood was. “Moeder was een Ram van sterrenbeeld,” vertelt Marja. “Ze was dominant en nam alle beslissingen in het gezin. Bijvoorbeeld wanneer we gingen verhuizen en waarheen. Maar ze had ook wel iets liefs en zorgde op haar manier goed voor het huishouden.” Moeder besloot ook dat er geen gezinsuitbreiding kwam: Marja bleef enig kind. 

Als Marja drieënhalf is, verhuist het gezin naar een driekamerflat in Rotterdam-Noord. Voor Marja werd een opklapbed in de eetkamer neergezet, eigenlijk haar slaapkamer, dat ’s avonds uitgeklapt werd om in te slapen. Overdag was het bed opgeklapt. Marja had dus geen eigen slaapkamer. Als er dan eens een vriendinnetje kwam, verbaasde die zich daarover. ”Goh, je hebt geen eigen kamer, geen posters uit de muziekexpress en zo.” Dat was echt niet leuk.  

Vader volgde moeder in haar besluiten. Zijn sterrenbeeld was Vissen. Hij werkte in die eerste jaren in een sigarenzaak en moeder werkte in een bonbonwinkel. Ook in het weekend werkte Marja’s vader bij om de eindjes aan elkaar te kunnen knopen. Als vader thuis was, las hij veel en hij rookte zware shag. Marja’s ouders hadden vaak ruzie. Moeder deed het huishouden, daar ging ze helemaal in op. Gezelligheid of samen iets doen was er niet bij. Marja moest bijvoorbeeld vaak alleen eten. 

Vóór het huis was een speelplein. Marja moest erg wennen aan omgaan en spelen met andere kinderen. Dat lukte wel, maar het ging niet vanzelf. Ze werd bijvoorbeeld niet uitgenodigd voor een verjaardagspartijtje en voelde zich buitengesloten. Tot een ander meisje zei: “Joh, ga gewoon mee.” 

Een leuke herinnering uit die tijd is er ook. Vader ging in een volgende baan de administratie doen van Rutecks, een befaamde lunch-en tearoom in Rotterdam. Hij mocht regelmatig uit eten bij andere restaurants om te zien welke gerechten daar geserveerd werden en hoe de keuken en de bediening georganiseerd waren. En moeder mocht dan mee! Heerlijke uitjes waren dat, daar genoten ze van!  
 

Schooltijd: pesten en verliefdheid 

Toen Marja elf jaar was, verhuisden ze uit de armoedige buurt, naar de nieuwe woonwijk Alexanderpolder. Voor Marja een hele verandering, ze had zich veilig gevoeld in haar oude buurtje. Dat veilige gevoel was belangrijk, want op school werd ze gepest. In de zesde klas pakte een meisje bijvoorbeeld haar geschiedenisboek af en maakte het weg. Uiteindelijk moest Marja’s moeder een nieuw geschiedenisboek betalen. Een ander meisje zei op een keer: “Schiet nou op.” Marja zei: “Ik kan niet heksen!” Waarop een van de jongens zei: “Dat ben je al!” Dat deed zeer, dat was een heel nare schok.  

Na de lagere school ging Marja naar de vierjarige mulo. Ook hier weer dat pesten. Maar dat kreeg een gelukkige wending: de leukste jongen van de klas werd verliefd op haar. Marja lag opeens goed in de groep! Ze zegt erover: “Geen péén-benen, maar móóie benen, was het opeens!” De andere meisjes reageerden door op te houden met pesten. Wat een goede gang van zaken! 

Al tijdens die verkering op de mulo bleek dat Marja het moeilijk vindt om warmte, aandacht en affectie te geven. Dat  had ze niet geleerd thuis in de koude sfeer en afstandelijkheid. “Ze namen me niet op schoot, er was geen warmte. Wel vaak ruzie. Ik ging vaak op mijn buik liggen. Later leerde ik dat dat een soort veilige houding voor mij was, een beschermende houding in een onbeschermde jeugd.”  

Marja durfde de verkering met de leuke jongen niet aan. Hij kreeg een ander meisje. 

De eerste drie jaren op de mulo ging het leren vloeiend. Het vierde jaar was zwaar, doordat er boekhouden en andere vakken in het pakket zaten om een middenstandsdiploma te halen. Vader hielp haar heel lief met haar studie en ook moeder ondersteunde haar. Zo ging er geen tv aan tijdens het leren. Dat waren goede dingen in het gezin. Maar de ruzie thuis, de sfeer zonder warmte, ging door. ”Die kilheid, dat elkaar niet aanraken maar wel grote cadeaus geven. Bijvoorbeeld een grote wandelende pop, een groot paasei, en zo. Dat maakte dat ik niet leerde hoe warmte en liefde te geven en te ontvangen.” Marja haalde haar eindexamen! Maar de weg daar naartoe was zo zwaar dat Marja besloot: “Ik ga nooit meer leren!” 

Werken, trouwen en in groot gevaar 

Marja kreeg een baan bij de AMRO-bank op verschillende afdelingen: Spaarrekeningen, Boekhouding, Leningen (de Kredietafdeling). De slechte sfeer en de ruzie thuis gingen helaas door, maar op de bank was het een leuke tijd. Er waren collega’s, dat was gezellig en leuk samenwerken. De meisjes gingen als vriendinnen met elkaar om. Met drie vriendinnen van de bank maakte Marja een vakantiereis naar Cadiz, in zuid-Spanje. “Dat vond iedereen leuk, dat was een goed moment!” 

Maar eigenlijk was het een verwarrende, problematische tijd. Een nare sfeer thuis en een gezellige, vriendschappelijke sfeer op het werk. In die verwarring kreeg Marja een relatie met de chef van de afdeling. Marja blikt terug: “Ik had niet geleerd warmte te krijgen, maar hij gaf dat ook niet. Zo kon dat op de een of andere manier doorgaan. We gingen samen op vakantie. We verloofden ons en we trouwden. Groot feest met alle mensen van de bank. Maar we waren niet gelukkig.” 

In de loop der jaren was er een gevaarlijke kracht in Marja’s leven gekomen. Als kind opgroeien zonder een goede basis van liefde en warmte, begon zijn tol te eisen. Marja zocht een houvast in haar eetgedrag, of beter gezegd in niet of nauwelijks eten. Ze ontwikkelde anorexia zonder dat iemand dat zag. Pas veel later in haar leven wordt het zo gezien en zo genoemd. “Om de zorg van mijn ouders te wekken, begon ik te hongeren. Acht jaar lang at ik minimaal. Ik viel af tot ik nog maar 45 kilo woog. Ik ben getrouwd, met groot feest en al, terwijl ik ernstige anorexia had.” 

Ze kon goed met haar schoonmoeder opschieten, een lieve, zachte vrouw van Javaanse afkomst. Marja en haar man gingen in Schiebroek wonen, in een dure buurt. Haar man knapte het huis op. Dat zag er allemaal goed uit maar het huwelijk ging niet goed. De liefde kon niet stromen tussen de echtgenoten. Haar man had seks met een andere vrouw. Marja voelde zich ongelukkig en na een paar jaar ging het huwelijk stuk. 

Marja verhuisde naar Zevenbergen en vond een baan bij een advocatenkantoor. Maar het ging niet goed. Na een half jaar hield Marja het niet meer uit. Ze vluchtte naar haar ouders en ging weer bij hen wonen. De anorexia speelde weer op. Toen verhuisde het gezin naar Wieringerwerf.  

Een belangrijke ommekeer 

Toen Marja tegen de dertig liep, werd de anorexia onderkend door mensen om haar heen en door instanties. Ze werd afgekeurd. Een bevrijding! Ze startte een therapeutisch traject dat een ommekeer bracht in haar leven. Ze werd opgenomen op de Psychiatrische afdeling algemeen ziekenhuis (PAAZ) in Hoorn. “Daar had ik leuke contacten met vrouwen die mij steunden, dat ging heel goed.” Daarna volgde een verblijf in  Limmen waar ze haar vriendin A. leerde kennen. Er ontwikkelde zich een goede en belangrijke vriendschap en samen maakten ze mooie vakantiereizen naar Portugal, Ibiza en Mallorca.  

De ommekeer ging over de anorexia en over de rode draad in haar leven: liefde geven en ontvangen. Marje leerde wat genegenheid is, hoe het werkt om liefde en warmte te geven en te ontvangen in vriendschappen. Ze ontwikkelde zich in de omgang met mannen. De anorexia stopte. 

Na verloop van tijd huurde Marja een huis in Alkmaar. Bij het activiteitencentrum vond ze een gezellige inloop waar je rustig een praatje kon maken. Daar ontmoette zij B. Ze werden vrienden, gingen gezellig koffiedrinken en andere leuke dingen doen. B. was een warme man en een lieve vriend, met hem vond Marja de moed om genegenheid uit te wisselen, om het samen goed te hebben. Maar het bleef moeilijk; een relatie durfde ze nog niet aan. 

Toen, zoals het in het leven kan gaan, verloor ze B. Hij kreeg prostaatkanker en overleed. Marja miste en mist hem verschrikkelijk. Ook het contact met A. ging over en ook dat betekende een gevoelig gemis.  

Inzinking en een nieuw leven 

Marja verhuisde een paar keer in Alkmaar en soms woonde ze weer een maand bij haar ouders. Toen kwam er een ernstige inzinking. Marja kon het niet meer aan en besloot met pillen een einde aan haar leven te maken. “Dat is gelukkig niet gelukt,” vindt Marja nu. “Het was echt een schreeuw om hulp.”  Marja kreeg toen een aanleunwoning met structuur en ondersteuning op maat.  

Marja heeft plezier in haar hobby’s: breien, tekenen en kleuren. M. is een nieuwe hartsvriendin, met wie ze alles kan bespreken, en die ook contactpersoon voor haar is bij de GGZ. M. schrijft en Marja tekent voor de krant van de opvang. Ook klikt het goed met haar vriend H., vier jaar ouder dan Marja. Ze gaan samen koffiedrinken, met elkaar weg, naar de film, uitjes met de trein. En ze genieten. 

Op het ogenblik geeft Marja haar leven een acht. Ze woont goed, heeft lieve vrienden om zich heen, ze heeft het aanloophuis en het belangrijkste: ze kan liefde geven en ontvangen. 

Alkmaar, juli 2025 

One comment on “Marja”

  • nori jorna says:

    Mooi verhaal en nog belangrijker: wat fijn dat het goed gaat met Marja.
    Wat is een goede hechting toch belangrijk bij de start van het leven !

    Reply

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *