“Vasthouden aan jezelf, je bent iemand!”

Opgetekend door: Trudelies Soeting

Het levensverhaal van Sieb

Sieb en ik ontmoeten elkaar in Amsterdam, bij de locatie voor beschermd wonen van het Leger des Heils waar hij woont. Sieb is een tenger gebouwde man met donkerblond, halflang haar, felblauwe ogen en een vriendelijke uitstraling. Als hij zich voorstelt, zegt hij: “Ik heb een Friese naam, maar ik kom er niet vandaan. Ik ben vernoemd naar mijn vader, Sijbrand.” 


Gezin 

Sieb werd 54 jaar geleden geboren in Zwarte Sluis, een dorpje onder Zwolle, en groeide op in Den Burg op Texel. Het gezin bestond uit zijn moeder, vader, een oudere broer en Sieb. “Toen ik één of twee jaar was, verliet mijn vader mijn moeder, en toen kreeg ik een andere vader. Ik had een hele lieve moeder en allebei mijn vaders waren leuk.” Later kwamen er nog twee broertjes en een zusje bij.  

Texel 

Spelen in de duinen, in de zee, op het strand en altijd met een frisse zeebries in het gezicht; het gaf Sieb een gevoel van vrijheid. Hij heeft dan ook mooie herinneringen aan zijn jeugdjaren op Texel. “Het was daar harstikke leuk.” Aan die tijd kwam abrupt een einde toen zijn moeder overleed. “Mijn moeder overkwam wat door mijn stiefvader.” Meer wil hij daar niet over zeggen. 

Gezinsvervangend tehuis 

Sieb was toen twaalf jaar. Samen met zijn broers en zusjes werd hij in een gezinsvervangend tehuis in de omgeving van Amersfoort geplaatst. 

Dat was een moeilijke tijd. “Ik ging heel goed met mijn moeder om, ik hing aan haar.” Hij moest zich aanpassen aan de nieuwe situatie, zonder moeder en vader, de drukte van de stad en ver weg van zijn geliefde Texel. Gelukkig bleven alle kinderen uit het gezin bij elkaar in het tehuis. Sieb vertelt: “We zagen elkaar elke dag, we hadden steun aan elkaar.” 

De biologische vader van Sieb, die een tijdje uit beeld was geweest, kwam af en toe langs in het gezinsvervangend tehuis. De kinderen gingen ook weleens logeren bij hun vader, die inmiddels naar Vlissingen was verhuisd en daar een hotel had. Sieb vond het erg fijn om daar te zijn en om zijn vader weer te zien. 

Tot zijn vijftiende bleef Sieb in Amersfoort, daarna ging hij naar een ander gezinsvervangend tehuis. In die tijd begon hij aan de koksopleiding. Na het behalen van zijn diploma mocht hij van het internaat af en ging op zichzelf wonen. Hij werkte twee jaar met plezier bij een restaurant in Slotermeer, waar hij tweede kok was. Daarna had hij diverse andere baantjes. Sieb heeft een nog steeds een voorliefde voor rijstgerechten. “Vroeger op Texel gingen we wel eens uit eten bij de Chinees, dat vond ik echt heel erg lekker, echt te gek.”  

Dakloos 

Door huurachterstanden is Sieb helaas dakloos geworden, waarna hij twaalf jaar lang op straat leefde. “Dat was wel een nare tijd,” zegt Sieb. Het moeilijkste moment van de dag vond hij de avond, als hij op zoek moest naar een slaapplek. Sieb zegt dat hij uiteindelijk zijn weg wel vond op straat. “Ik begreep de straat en ik ben altijd netjes en vriendelijk gebleven.” 

In de periode dat Sieb dakloos was, gebeurden er meer nare dingen. Siebs oudste broer overleed als gevolg van een verkeersongeval. Hij had een goede band met zijn broer en er gaat geen dag voorbij dat Sieb niet aan hem denkt.  

Ook raakte hij zelf betrokken bij een verkeersongeval. Hij hield er een verlamde arm aan over. “Gelukkig niet mijn rechterarm, de arm waar ik mee schrijf.” Sieb ging drugs gebruiken, maar naar eigen zeggen is hij nooit verslaafd geraakt. Op de vraag hoe je zo’n periode overleeft, antwoordt Sieb: “Vasthouden aan jezelf, want je bent iemand, dat weet je van je eigen, en vasthouden aan de leuke, positieve dingen.” 

Familie 

Er is altijd contact gebleven tussen de familie en Sieb, ook in de periode dat hij dakloos was. Zijn vader gaf hem soms geld zodat hij naar Zeeland kon komen, en zijn familie (tantes, ooms en oma) nodigde hem weleens uit op Texel. Sieb vond het altijd heerlijk om weer terug op Texel te zijn. “Het was altijd weer fijn om op de plek waar ik opgegroeid ben te zijn. De duinen, het strand, dat is zo lekker man, daar kan niks tegenop!” 

Inmiddels is ook zijn vader overleden. Siebs jongste broer komt geregeld bij hem langs, en kortgeleden heeft Sieb bij zijn zusje, die in Zeeland woont, gelogeerd. 

Thuis 

Inmiddels woont Sieb alweer zeventien jaar met plezier bij deze woonlocatie van het Leger des Heils. Hij voelt zich er thuis en is close met de andere bewoners. Twee dagen per week werkt hij op een boerderij in Abcoude. Als hij met dieren mag werken, is hij helemaal in zijn element. Een tijdje geleden heeft hij mogen helpen bij de geboorte van een kalfje. 

Kracht 

Sieb zegt tevreden te zijn met zijn leven zoals het nu is. Hij is er trots op dat hij geen verbitterde man is geworden en dat hij een positief ingesteld mens is, ondanks de nare dingen die hij meegemaakt heeft in zijn leven. Sieb noemt het: “Ik heb veel levenservaring. Ik neem mezelf niets kwalijk, ik doe mijn best.” En als een mantra voegt hij daar nog aan toe: “Vasthouden aan mezelf.”  

“Mijn motivatie om mijn levensverhaal te vertellen is voor anderen. Dat je ondanks de moeilijke dingen in je leven er iets leuks van kan maken. “Dat geeft anderen misschien een beetje spirit.”  

Soms gebeurt er iets leuks, of hij denkt aan mooie, leuke herinneringen waardoor hij zich weer een paar dagen goed voelt. “Zo houd ik mezelf hoog, ik doe iets leuks met mijn leven. Bijvoorbeeld: als mijn broertje langskomt, toen bij de geboorte van het kalfje, of als ik wat extra geld heb om in het Bijlmerbad te gaan zwemmen of om een beetje cocaïne te kopen.” 

Amsterdam, augustus 2025 

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *