“Vrijheid is onbetaalbaar.”

Opgetekend door: Marga de Waard

Het levensverhaal van Ercan

Jeugd 

“Mijn naam is Ercan, een Turkse Nederlander van vijftig, geboren in Rotterdam. Mijn vader kwam in 1967 naar Nederland, mijn moeder volgde in 1972. Ik ben de jongste van vijf kinderen, een nakomertje. Mijn vader verliet ons toen ik negen maanden oud was. Ik heb hem nooit gekend. Mijn jongste broer en zus kwamen in de opvang terecht, ik in een pleeggezin omdat ik nog zo klein was. Een paar jaar later heeft mijn moeder ons alle drie weer naar huis gehaald. Ik was, denk ik, een jaar of vijf, zes. Ik speelde veel buiten met mijn vriendjes en vriendinnetjes, die waren Nederlands, daarom spreek ik de taal ook zo goed. Ik ging in de wijk ook naar de lagere school. Daarna ging ik naar het lager beroepsonderwijs maar dat heb ik niet afgemaakt.” 

Trouwen in Turkije 

“Toen ik achttien was, vond mijn moeder dat ik moest trouwen. Ik wilde niet, maar ik kon geen nee zeggen uit respect voor mijn familie. Dus die zomer gingen we naar Turkije en trouwde ik daar met iemand uit ons dorp. Voor mij voelde het niet goed, ik wilde liever met iemand trouwen van wie ik hield. In 1994 kwam zij naar Nederland. Een jaar later werd onze dochter geboren. Die is nu dertig en heeft zelf twee kinderen, maar ik zie hen niet. Ze verwijten me dat ik hen in de steek heb gelaten.” 

“Maar ik was ongelukkig, ik was nooit thuis. Mijn zwager had een eigen café, daar zat ik elke dag. In 1998 zijn we uit elkaar gegaan. Ik heb mijn jas gepakt en ben vertrokken zonder om te kijken. Drieëntwintig, eindelijk vrij! Ik had wat vriendinnen en ik ging werken in het café van mijn zwager als bartender. ’s Ochtends deed ik de zaak open en dan werkte ik tot een uur of zes, tot ik werd afgelost. ’s Avonds bleef ik vaak voor de gezelligheid. Het was een goeie tijd.” 

Nieuwe relatie 

“In 1999 was de grote aardbeving in Turkije waarbij 46.000 doden vielen. Ik ben gaan helpen en zo heb ik mijn tweede vrouw ontmoet. Het huis van haar en haar moeder was ingestort. Ik heb haar moeder nog uit het puin gehaald. We hebben toen telefoonnummers uitgewisseld en een jaar lang heen en weer gebeld, en toen was bellen nog echt duur!” 

“In 2000 heb ik haar ten huwelijk gevraagd. We konden niet trouwen, want mijn eerste vrouw wilde niet scheiden. Ik heb echt wel zes, zeven keer een visum aangevraagd, maar het lukte niet, om gek van te worden. Ik reisde steeds maar heen en weer. Ik werkte een jaar als reisleider in Istanboel. Maar de inkomens in Turkije zijn laag en de kosten hoog, dus ik ging weer terug naar Nederland. “ 

“In 2002 werd onze eerste dochter geboren. Ik heb mijn vrouw en dochter toen op de papieren van iemand anders naar Nederland gehaald. Eerst woonden we bij mijn moeder, maar later kregen we een huis toegewezen. En ik kreeg in diezelfde periode de Nederlandse nationaliteit, dat zou handig blijken. “ 

“Op 9 september 2003 werd onze tweede dochter geboren. Ze overleed echter op 12 september door een fout van het ziekenhuis. De baby woog 6,5 kilo, maar ze werd toch via de natuurlijke weg geboren. Dat ging niet goed: ze was gelijk al hersendood, maar ze hielden haar nog drie dagen in leven. We hebben haar begraven op Crooswijk.” 

Drugshandel 

“Toen is eigenlijk mijn ellende begonnen. Ik wilde een zaak beginnen tegen het ziekenhuis. Maar geen advocaat wilde eraan beginnen, op één na, die vroeg 350.000 euro. Maar waar moest ik dat geld vandaan halen? Ik had toen een bijstandsuitkering. Ik besloot in de drugs te gaan. Ik deed de opslag van grote partijen, gewoon thuis. Transport deed ik ook. Op die manier kreeg ik binnen anderhalf jaar de helft van het benodigde geld bij elkaar. Mijn vrouw wist niet dat ik in de drugs zat, dat had ze niet goed gevonden.”  

“Het leek goed te gaan, tot ik werd aangehouden in België met drugs bij me. Het werd acht maanden gevangenisstraf. Er volgde een inval in ons huis. Er waren geen drugs in huis, maar het opgespaarde geld werd wel in beslag genomen. En mijn vrouw werd het land uitgezet omdat ze geen verblijfsvergunning had. Ze mocht tien jaar Nederland niet meer in. We vertrokken met z’n drieën naar Istanboel.” 

“Opnieuw smokkelde ik drugs tussen Nederland en Turkije, maar ik werd opgepakt in Istanboel. Ik kreeg vier jaar. Mijn vrouw was net zwanger. Mijn zoon, vernoemd naar mijn overleden dochter, is geboren tijdens mijn detentie. Mijn vrouw bleef loyaal, want ze wist dat ik het voor haar en onze kinderen deed. Een gewone baan leverde domweg niet genoeg op. Ik had ondertussen ook nog een schuld bij de drugsjongens, die wilden hun geld terug. Als je eenmaal in zo’n wereld zit, kom je er moeilijk uit.” 

Opnieuw detentie 

“Na mijn vrijlating ging ik weer naar Nederland. Een paar maanden later kwam mijn zoontje van vijf ook. Hij kon naar school en zo werd mijn inkomen hoger, ik had toen weer bijstand. Maar ik kreeg een hartaanval, zes stents werden het en medicijnen voor de rest van mijn leven. Eenmaal hersteld wilde ik weer wat doen, maar ik werd weer opgepakt, weer in Istanboel, nu met zestien kilo cocaïne. Ik kreeg twintig jaar gevangenisstraf.” 

“De oude gevangenis waar ik de eerste keer zat, was nog wel te doen. De bewakers waren corrupt en ze lieten één gevangene de boel min of meer regelen. Maar nu ging ik naar een grote gevangenis met veel regels en controles. Ik mocht mijn vrouw ook maar tien minuten per week bellen.” 

“Na de mislukte coup in Turkije in 2016, werden veel soldaten vastgezet. Daarom werd ik overgeplaatst. Alleen had ik na drie weken nog steeds mijn medicijnen niet. Op een dag was ik het vragen zat en drukte op de noodknop, maar dat vond de dienstdoende bewaker niet zo fijn. Hij haalde zijn collega’s en ik verdween in de ‘zachte’ kamer, een isoleercel waar ze me elke dag schopten en sloegen, wekenlang. Gelukkig was mijn vrouw naar het Nederlandse consulaat gegaan omdat ze niks meer van me hoorde. Ze gingen me zoeken en ik werd overgeplaatst naar een ‘normale’ isoleercel, waar ik nog tweeënhalf jaar zat, maar wel met medicijnen. Door Covid werd ik weer overgeplaatst. Eerst naar een open gevangenis waar ik kon werken in de bakkerij. En daarna nog een keer naar een gevangenis waar ik leerde werken met kaas en yoghurt.” 

Vrij  

“In 2023 mocht ik met verlof. Ik moest me weer melden maar ik ben meteen naar Nederland gegaan. Ik kan nu nooit meer terug naar Turkije, want er staat nog 7,5 jaar gevangenisstraf open. Mijn hartkwaal is een geluk bij een ongeluk: ik word niet uitgeleverd. In Nederland kreeg ik alle hulp die ik nodig had. Ik ging direct naar Centraal Onthaal en ik kreeg een vast bed hier bij de opvang. Ik heb ook nog even gewerkt bij bezorgdiensten. Dat ging goed tot ik werd aangereden. Toen kwam ik in de ziektewet. Maar mijn hart ging daardoor ook slecht, ik kreeg een openhartoperatie en mijn COPD verergerde door een ingeklapte long. Ik ben nu afhankelijk van een scootmobiel.” 

Heden 

“Afgelopen september heb ik mijn vrouw weer gezien in Macedonië. Daar kunnen we allebei zonder visum naartoe. Ik zou nu weer willen, maar ik spaar voor mijn woning die ik binnenkort krijg. Mijn medische urgentie is al binnen. Ik hoop dat ik nog een tijdje mee kan. Maar als ik doodga, wil ik begraven worden bij mijn dochtertje.” 

“Als ik terugkijk, had ik nooit aan die drugs moeten beginnen, daar heb ik echt veel spijt van. Maar als je jong bent, is je bloed warmer. Je moet echt weten: vrijheid is onbetaalbaar.” 

Rotterdam, december 2025 

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *