Niemand mag buiten de boot vallen

Opgetekend door: Helma Snelooper. Foto: Eva Meylink.

Het levensverhaal van Pamela

Op tafel ligt een woodblock waarop ze leerde drummen. Met haar naam in het handschrift van haar vader. Drumstokken ernaast. Boven de rode bank foto’s van muzikanten: B.B. King, Ella Fitzgerald. De bank staat voor het raam en van daaruit overziet ze de hele straat: de Boeddhistische tempel, Chinese restaurants. ’s Morgens wordt ze wakker met de geur van babi pangang in haar neus. 


Jeugd in Ohio 

Pamela werd geboren in Ohio, Amerika in 1961. De jongste van vier kinderen. Haar jeugd speelde zich af op de boerderij van haar ouders. Ze verbouwden sojabonen, graan, hielden koeien. Ieder voorjaar kwamen er honderd kuikentjes die Pamela allemaal een naam gaf. Als het tijd was om te slachten sloeg vader de koppen eraf. Alle kinderen hielpen mee met het plukken van de veren. “Ik kan het nog ruiken: plukken, slachten, schoonmaken, inmaken.” Ze had er geen moeite mee, het hoorde erbij. Wel weigerde ze daarna kip te eten. Pamela hielp moeder bij het bereiden van de maaltijden en samen werkten ze in de tuin. 

Pamela koestert de quilt, een prachtige tweepersoons deken, die haar geliefde oma voor haar maakte en haar nog steeds warm houdt in koude Hollandse winters. Ze was vaak bij een aangenomen oom en tante, de eigenaren van het bedrijf waar Pamela’s vader werkte. Tante was deftig en oom was zeer warmhartig. Soms gingen ze met de Cadillac naar Cincinnati, naar een chique hotel. Pamela draaide op haar stoel in het grote restaurant, keek haar ogen uit. Dat was niet netjes en ze kreeg dan een schopje onder tafel: “Zit stil!” Als ze thuiskwam met blauwe plekjes zei moeder: “Ben je weer met oom en tante mee geweest?!” 

Toen Pamela na een auto-ongeluk lang het bed moest houden, kreeg ze van oom een abonnement op het National Geographic magazine. Dat abonnement heeft ze nu al 53 jaar Pamela leest al sinds ze als meisje boeken leende bij de boekmobiel die iedere maand de kleine basisschool in het dorp aandeed. 

Muziek blijft een passie. Als kind koos zij voor de drums. Alom verbijstering! Een meisje kan toch niet drummen! En Pamela dacht: “Ik zal jullie eens wat laten zien!” Ze drumde op haar kamertje boven. Vader maakte een lichtknop: als er bezoek kwam knipperde het licht, dan wist Pamela dat ze stil moest zijn. Later zei vader: “Ga maar drummen tussen de koeien op het veld.” En toen werd er gesjouwd met de grote trom van de marching band. Country en western waren populair in die streek. Maar Pamela luisterde naar ‘Soul Train’. Ze houdt van alle muziekstijlen, behalve country en western.  

Schooltijd en studeren 

Pamela ging naar school met de welbekende gele schoolbus. Tijdens haar laatste jaar op de middelbare school deed ze mee met een programma van het Southern State Community College in Wilmington voor leerlingen die gingen studeren. Ze volgde er ook een jaar lang Engelse literatuur. Daarnaast had ze een bijbaan in het bedrijf van haar oom.  

Toen ze geslaagd was maakte ze haar eerste buitenlandse reis: een Europese concerttournee met de Americain Musical Ambassadors. Dat orkest bestond uit leden van middelbare scholen uit heel Amerika. Tijdens die tour werd ze verliefd op de stad Amsterdam. 

Eenmaal terug studeerde ze aan het College muziek en Engels. Ze kreeg al snel een baan als lokaal correspondent bij de grootste krant van Ohio. Na haar diploma zou ze een vaste aanstelling kunnen krijgen. Daarom stapte ze over naar de Ohio University voor een van de beste journalistieke opleidingen van de Verenigde Staten. Helaas kwam ze niet in aanmerking voor een beurs voor een stage als buitenlandcorrespondent bij grote mediabedrijven overal ter wereld.  

Pamela verlangde ernaar terug te keren naar Amsterdam. En in 1984 was het zover: op 16 december kwam ze aan in Amsterdam. Dat was ook de sterfdag van haar geliefde oom. Ze had driehonderd dollar op zak. “Nou, dan ben je zo weer terug bij mamma,” zei de douane. Maar ze is hier nu al meer dan veertig jaar.  

Wonen in Amsterdam 

Via een goede vriendin vond Pamela een kraakwoning waarvoor ze maar vijfenzeventig gulden hoefde te betalen. Echt op z’n Amsterdams, trok Pamela van het ene adres naar het andere. Ze haalde een typemachine uit een rommelwinkel en wist een stage te regelen bij ‘The Associated Press’. Na dik een jaar moest ze verhuizen naar een zolderkamer zonder kachel en warm water. Twee koude winters bracht ze er door. In Friesland werd de Elfstedentocht gereden. Pamela kroop onder de quilt van oma en bleef lekker warm.  

De kat nestelde zich er spinnend bij. 

Pamela leerde Nederlands op straat. Ze werkte voor persbureaus, schreef artikelen, verzorgde de ondertitels voor NPO en NTR. Ze gaf er leiding aan een enthousiaste groep mensen, waaronder vluchtelingen met een media-achtergrond. Ze ontwikkelde zich tot een ervaren journalist, redacteur, vertaler en copywriter met een eigen vertaal- en tekstbureau.  

“Mijn werk is mijn alles”, zegt ze. 

Een muzikale zoon 

Pamela kreeg een zoontje. Zijn geboorte via een keizersnee was een wonder. Omdat hij een apgar-score van 1 had, werd hij met spoed naar de Intensive Care gebracht door de babyambulance van het AMC. “Hij is een vechter, net als ik.” Het gaat nu heel goed met hem, ze hebben een fijn contact. “Hij doet alles voor zijn vader en mij”, zegt Pamela.  

Later hebben ze zijn vriendje in hun gezin opgenomen omdat het bij hem thuis niet goed ging. Pamela is nu oma van zijn kinderen.  Zo hebben ze verschillende kinderen in huis gehad want niemand mag buiten de boot vallen. “Positiviteit is het grootste geschenk dat je een kind kunt geven.” 

Al tijdens de zwangerschap draaide Pamela James Brown, ze hield de koptelefoon bij haar buik. Haar zoon heeft net zo’n grote liefde voor muziek als zijzelf. Ze zijn samen naar veel concerten geweest, Pamela als journaliste. Zoals live-concerten van James Brown, David Bowie, the Temptations, the Supremes, Ella Fitzgerald.  

Chronisch ziek 

In 2017 ging het mis. In de trein naar Amsterdam voelde ze zich een beetje raar en eenmaal thuis was ze kortademig, misselijk en liet ze onophoudelijk enorme boeren. Haar beste vriendin kreeg haar niet te pakken en stuurde tekstberichten dat ze naar de Spoedeisende Hulp moest gaan. Daar bleek dat ze nu maar ook al eerder meerdere hartaanvallen had gehad. Ze hield er blijvende hartschade aan over. Ze werd blijvend hartpatiënt met chronisch hartfalen, een pacemaker, boezemfibrilleren, lekkende hartkleppen, nierfalen en chronische pijn. Op haar zestigste verjaardag ging ze langs bij de specialisten van het OLVG-oost met cadeaus en bedankbrieven. Zonder hen en andere toppers daar had ze deze dag immers niet beleefd.  

Pamela viert Didn’t Drop Dead Day, ieder jaar op 10 februari. Dan doet ze iets leuks om te vieren dat ze er nog is! Ze werkt als vrijwilliger bij VrouwenHart, een stichting die ijvert voor erkenning en zorg voor hart- en vaatziekten bij vrouwen. “Kennis is macht. Met de juiste kennis kun je goed het gesprek met je arts aangaan en je vindt gemakkelijker lotgenoten met wie je ervaringen kunt delen.”  

Pamela is ook lid van de Patiëntenraad van het Onze Lieve Vrouwe Gasthuis (OLVG). Hier ontdekte ze allerlei knelpunten die patiënten in de zorg tegenkomen. Medische missers, geen toegang tot informatie op het internet, onduidelijke communicatie en dat veel mensen laaggeletterd of analfabeet zijn. “Je moet een lange adem hebben voor al die overleggen en daar ben ik niet zo goed in.”   

Pamela heeft nu minder energie. Haar nieren functioneren niet goed meer. Ze is uitbehandeld en heeft veel pijn door haar te grote hart. Bij een chronische ziekte moet je een kameleon zijn. Heb je net iets voor elkaar, komt er iets anders op je pad. Sinds kort heeft ze een rollator. Laatst is ze ermee naar het Van Gogh museum geweest. 

Haar familie wil haar nu graag zien. Een van haar broers is op bezoek geweest en binnenkort komt een andere broer, samen met zijn zoon, vanuit Amerika. 

Actief blijven 

Pamela mag dan chronisch ziek zijn, haar geest is nog volop actief. Ze volgt de ontwikkelingen in haar geboorteland en de acties van Donald Trump op de voet. Ze heeft een digitaal abonnement op de New York Times genomen en deelt de betrouwbare berichten op haar sociale media pagina’s. Als tegenwicht tegen al de desinformatie. Ze is al vijfenveertig jaar journalist en is niet bang zich te uiten. “Dit is wat ik kan doen, ondanks mijn ziekte. Mensen laten zien en laten lezen wat er echt gaande is.” Daarnaast wil ze een kookboek uitbrengen met de recepten van haar moeder, oma en tante, ook de veganistische vorm ervan. Die zijn in deze tijd weer actueel.  

Pamela vindt het belangrijk om positief te blijven. Ze gaat elke dag naar buiten. Zo niet, dan zegt haar zoon: “Kom op, even met je smoel in de zon, je bent zo wit als een A4-tje.” Iedere dag telt. Ze viert nog steeds het leven. En als het eind nabij is kan ze kan ze terecht zeggen: “Ik heb een mooie rit gehad.” 

Terugblik 

Gevraagd naar de mooiste dingen in haar leven noemt Pamela: de geboorte van haar zoon, haar aankomst in Nederland, haar foto’s met haar naam afgedrukt in de ‘New York Times’ toen ze net van de middelbare school kwam, haar artikelen in de ‘International Herald Tribune’. Ook een geweldig moment was dat zij een echte Rembrandt-schets in haar handen had, in de bibliotheek van het Rijksmuseum in het gezelschap van Henk van Os: “een heel fijne man.” 

Amsterdam, december 2025 

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *